Verborgen gebreken

Door: Renate Dorrestein
Uitgever: Contact, Amsterdam (1996)

Titelverklaring

De personen in de roman hebben allemaal hun eigen gebreken. Agnes heeft bijvoorbeeld een glazen oog, als gevolg van een ongelukje tijdens haar jeugd. Er zijn echter meer gebreken waarover de personen niet willen praten, de verborgen gebreken. Dit zijn bijvoorbeeld: de incest binnen het gezin Jansen en die tussen Agnes en haar broer Robert; het gebroken gezin van Sonja, die drie kinderen heeft van drie verschillende mannen; het falend ouderschap en de eenzaamheid van bejaarden, zoals Agnes.

Over de auteur

Renate Dorrestein wordt in 1954 geboren in Amsterdam. Als journaliste begint ze haar loopbaan bij het weekblad Panorama. Ze schrijft romans, columns en autobiografische verslagen. Haar eerste boek is de verhalenbundel Voorleesboek voor planten in 1976, maar bekendheid krijgt ze pas met haar eerste roman  De buitenstaanders in 1983. Haar romans zijn altijd als feministisch te herkennen en thema's als het idee dat vrouwen pas voor vol worden aangezien als ze getrouwd zijn en een kind hebben, komen regelmatig aan bod. Mannen spelen slechts bijrollen in haar romans. De dood van haar zusje is ook een belangrijk thema. Hierover schrijft ze in de autobiografische roman Het perpetuum mobile van de liefde (1988). Nadat Dorrestein de ziekte ME (chronische vermoeidheid) heeft gekregen, is ook ziekte en het sociaal isolement waarin zieke mensen zich vaak bevinden een hoofdthema in haar oeuvre.

Andere werken: Haar kop eraf! Alice als ideale heldin voor hedendaagse feministes (1988); Het hemelse gerecht (1991); Verborgen gebreken (1996) en Een hart van steen (1998).

Literaire stroming

Moderne Nederlandse literatuur.

Genre

Psychologische roman.

Samenvatting

Sonja, haar minnaar Jaap en haar kinderen Waldo, Christine en Tommie gaan op vakantie naar Schotland. De kinderen zijn allen van een verschillende man. In Schotland regent het pijpenstelen en Chris gedraagt zich zo vervelend, dat ze niet van de camping af mag. Als Waldo met Christine en Tommie op de kade staat, geeft Christine hem opeens een duw. Hij valt achterover en verdwijnt onder water. Chris en Tommie rennen weg. Ze sluipen in de auto van Agnes, die op reis is naar het huis van haar familie.

Haar laatste broer, Robert, is pas overleden en ze gaat zijn as uitstrooien bij het huis. Ze ziet de kinderen, maar rijdt gewoon door. De beheerders van het huis, de familie Flynt, wonen even verderop. Ze kijken niet vreemd op van de kinderen die in de auto zitten, Agnes neemt immers vaker neefjes en nichtjes mee naar Schotland. Ze noemt het meisje Bazooka, vanwege de kauwgum die zij kauwt, en de jongen noemt ze Ivatug, omdat hij op een eskimo lijkt. Als Agnes aan de ouders van de kinderen denkt, wil ze de politie bellen. Maar Chris dreigt dat ze de politie dan zegt dat Agnes hen ontvoerd heeft. Agnes ontdekt dat Chris graag uitgekafferd wil worden en ook verbaast ze zich over Tommie, die nog helemaal niet naar zijn moeder heeft gevraagd. Ze vraagt zich af wie de ouders van hen zijn.

De volgende dag ontdekt Agnes dat haar huis als vakantiewoning te huur wordt aangeboden. Ze wil bij de verhuurmaatschappij protesteren, maar de telefoon doet het niet. Later blijkt dat Chris deze onklaar heeft gemaakt. Bij nader onderzoek komt Agnes erachter dat Eline, de weduwe van Robert, het huis in de verhuur heeft gedaan. Ze moeten het huis verlaten en de familie Flynt is woedend op haar. Agnes wist hier echter niets van af. Inmiddels is de wasmachine kapotgegaan. Als ze in het dorp is, om een nieuwe slang voor de machine te kopen, valt ze flauw, voor het eerst in haar leven.

Wanneer ze thuiskomt, zijn Chris en Tommie een verkleedspel aan het doen. Ze doet mee. Dan komt inspecteur Miller van Scotland Yard langs. Hij is op zoek naar twee vermiste kinderen, maar hij herkent Chris en Tommie niet, vanwege hun vermomming. Agnes besluit niets te zeggen, maar beseft, na het lezen van een krantenbericht, dat ze in een moeilijke situatie verkeert. De volgende dag vertelt Chris haar naam en gedraagt ze zich voorbeeldig, alsof ze bang is om weggestuurd te worden.

Chris heeft op de één of andere manier de conclusie getrokken dat Waldo nog in leven is. De lezer weet echter dat er een lijk is gevonden in de haven, waar Chris hem een duw heeft gegeven. Nu overweegt ze om terug te gaan naar haar moeder. Ze gaat naar de slaapkamer van Agnes, om het haar te vertellen. Deze slaapt echter en Chris ontdekt een luchtbuks onder het bed.

Vroeg in de ochtend komt er iemand van het verhuurbedrijf, om het huis te inspecteren. Als Chris de man ziet, wil ze Agnes beschermen. Ze schiet met de buks op hem en op hetzelfde moment krijgt Agnes een beroerte. Beide personen liggen stil op de grond en Chris vlucht het huis in. Ze richt daar vernielingen aan, waardoor het huis niet meer te verhuren is. Als Agnes bijkomt, strompelt ze met hulp van Chris het huis binnen. Ze besluit de kinderen weg te sturen voordat het lijk ontdekt wordt. Ze weet uit de krant in welk hotel haar moeder logeert en schrijft dat op een briefje. Ze zullen moeten liften.

Wanneer Chris de dode uit het zicht wil slepen, blijkt hij weg te zijn. Hij is naar het ziekenhuis gebracht en is daar gestorven, zonder iets te zeggen. Agnes maakt het wapen schoon en realiseert zich dat ze naar een verpleeghuis zou moeten . De kinderen komen in het hotel aan en worden met hun moeder herenigd. Ze willen naar Agnes maar die is inmiddels door Muriel Flynt meegenomen. Dan gaan ze naar het eiland, waarvan ze veronderstellen dat Waldo daar naartoe is gezwommen. Tommie haalt het glazen oog van Agnes uit zijn zak en geeft het, zonder dat iemand het ziet, door aan Chris.



Tijd en tijdvolgorde

Het verhaal wordt chronologisch verteld, met een aantal flash-backs, waardoor de lezer inzicht in het verleden krijgt. De vertelde tijd bedraagt enkele dagen.

Plaats/ruimte

Het grootste deel van het verhaal speelt zich af in Schotland, waar de familie Jansen op vakantie is en waar Agnes de as van haar broer uitstrooit.

Karakterbeschrijving en -ontwikkeling

Agnes Stam:

Agnes is een vrouw van zeventig. Ze is nooit getrouwd geweest, maar was ooit verliefd op haar eigen broer, Robert. Ze heeft nog drie broers: Frank, Justus en Benjamin. Deze zijn allemaal overleden en daardoor voelt ze zich eenzaam. Haar schoonzusters vinden haar een oude vrijster. Ze merkt zelf dat haar gezondheid achteruit gaat en ze is bang dat anderen dat ook zien. Nadat ze een beroerte heeft gehad is ze half verlamd. De buurvrouw haalt haar dan op en brengt haar naar een verpleeghuis. Al heeft ze geen kinderen, haar opvoedingsmethoden zijn beter dan die van de 'echte ouders' in het boek.

Christine Jansen:

Cristine, ook wel Chris genoemd, is de dochter van Sonja. Haar vader wordt niet bekendgemaakt in het boek. Ze is tien jaar oud. Ze duwt haar broer, Waldo, die haar jarenlang heeft misbruikt, in het water, waarna hij verdrinkt. Ze is heel zorgzaam tegenover haar broertje van vier jaar oud, Tommie, die waarschijnlijk ook het slachtoffer is geworden van Waldo. Agnes noemt haar Bazooka, omdat ze altijd kauwgum kauwt.

Agnes en Christine zijn beiden ronde karakters.

Sonja is de moeder van Chris. Ze heeft ook twee zonen van 16 en 4 jaar oud. De drie kinderen zijn allen van een andere man. Ten tijde van het verhaal heeft ze een relatie met Jaap. Ze zijn te druk met zichzelf om goed op de kinderen te letten.

Tommie is het vier jaar oude broertje van Chris. Hij is bang en zegt niets. Agnes noemt hem Invatug, omdat hij op een eskimo lijkt.

Waldo is de broer van Chris en Tommie. Hij is zestien jaar oud en heeft incest gepleegd met zijn broertje en zusje.

De familie Flynt beheert het huis van de familie van Agnes. Ze zijn echte boeren.

Al deze figuren zijn vlakke karakters.

Geloofwaardigheid van het verhaal

...

Thematiek

Incest speelt een belangrijke rol in het leven van zowel Chris als Agnes. Chris is misbruikt door haar broer en Agnes is juist verliefd geworden op haar broer. Sindsdien heeft ze besloten haar gevoelens buiten spel te zetten. Maar ook andere familierelaties komen aan bod, zoals die tussen ouders en kinderen, zuster en schoonzuster en tussen broer en zus.

Het verkeerd interpreteren van situaties en de daaruit voortkomende misverstanden is ook een thema. Verder spelen schuldgevoel (ook onterecht) en ouderdom en aftakeling een rol.

De schrijfster is niet te spreken over ouders als opvoeders. Mannen spelen een ondergeschikte rol. Tommie is de enige mannelijke figuur die goed beschreven wordt.

Motto

Het eerste motto in de roman is een citaat van Virginia Woolf: 'Dit is een onbelangrijk boek, want het gaat over de gevoelens van vrouwen in de huiskamer.' Aan elk hoofdstuk gaat een motto vooraf, dat ontleend is aan Genesis 1. Er zijn is totaal zeven motto's, de eerste wordt gevormd door de eerste zinnen van het bijbelboek. Deel zeven wordt ingeleid met het motto: 'En God zag dat het goed was.'

Taalgebruik

De schrijfster gebruikt een lichtvoetige schrijfstijl, waardoor de tekst pakkend is en goed te volgen. Er worden korte zinnen gebruikt, vooral in de beschrijvingen.

Opdracht

Geen.

Vertelsituatie

Ik-vertelsituatie

Perspectief

In de roman ligt het perspectief bij verschillende verhaalfiguren. Het grootste deel wordt verteld door Agnes, de rest wordt verteld door Chris en Sonja. Deze gebruiken het ik-perspectief.

Verhaalopbouw

Het boek bestaat uit zeven genummerde delen, die weer ingedeeld zijn in verschillende, genummerde hoofdstukken.

Eigen mening

...



Meer informatie nodig?
Google