Ferdinand Bordewijk
Over deze auteur
Ferdinand Bordewijk (voluit: Ferdinand Johan Wilhelm Christiaan Karel Emiel Bordewijk) wordt geboren op 10 oktober 1884 in Amsterdam. Aan het Hoge Westeinde, een school met een ouderwetse tucht, wordt hij leerling op het gymnasium. Hij studeert rechten in Leiden en promoveert in 1912 tot doctor. Een jaar later wordt hij beëdigd als advocaat en gaat hij werken bij een advocatenkantoor in Rotterdam. In 1914 trouwt Bordewijk met Johanna S.H. Roepman. Uit dit huwelijk worden een dochter en een zoon geboren. Zijn echtgenote krijgt bekendheid als componiste van orkest- en koorwerken, beiaardmuziek en de opera
Rotonde. Onder het pseudoniem Ton Ven maakt hij in 1916 zijn debuut als schrijver met de gedichtenbundel
Paddestoelen. Van 1918 tot 1920 doceert Bordewijk handelsrecht aan de Handelsschool in Rotterdam. Bij een bombardement in maart 1945 worden al zijn bezittingen vernield en verhuist de familie tijdelijk naar Leiden. Uiteindelijk wordt een woning gevonden in Scheveningen. Van 1946 tot 1955 schrijft Bordewijk literaire kritieken in het Utrechts Nieuwsblad. In 1947 wordt hij voorzitter van de Ereraad voor Letterkunde, die oordeelt over het gedrag van schrijvers in WO II. Collaborateurs worden veroordeeld tot een publicatieverbod. Vanaf 1949 werkt Bordewijk voor de gemeente als juridisch adviseur mee aan diverse saneringsprojecten. In 1953 ontvangt hij de PC. Hooftprijs en een jaar later wordt hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. In 1957 ontvangt Bordewijk de Constantijn Huygensprijs voor zijn totale oeuvre. In 1965 overlijdt hij op tachtigjarige leeftijd in Den Haag.
Zijn werk varieert van poëzie en romans tot novelles en korte verhalen. Zijn bekendste werken zijn
Blokken (1931),
Knorrende beesten (1933),
Bint (1934) en
Karakter (1938). De roman Karakter wordt verfilmd door regisseur Mike van Diem en ontvangt in 1998 een Oscar voor de beste buitenlandse film.