Elizabeth Wolff-Bekker

Over deze auteur

Elizabeth (Betje) Wolff-Bekker wordt geboren op 24 juli 1738 in Vlissingen en overlijdt op 5 november 1804 te 's Gravenhage. Betje wordt geboren in een welvarend koopmansgezin. Na een kort liefdesavontuur met Mattheus Gargon in 1755, trouwt ze in 1759 met de dan 52-jarige predikant Adriaan Wolff uit Beemster. In 1763 debuteert ze met haar eerste verzenbundel Bespiegelingen over het genoegen, waarin ook Brieven over den weg tot het waar genoegen is opgenomen. Naast haar verzen schrijft ze ook bijdragen voor het spectatoriale tijdschrift De Gryzaard (1767 - 1769). Ze raakt bevriend met ds. Cornelis Loosjes, oprichter van het tijdschrift Vaderlandsche letteroefeningen.

Agatha (Aagje) Deken wordt geboren op 10 december 1741 in Amstelveen en overlijdt op 14 november 1804 in 's Gravenhage. Al op jonge leeftijd raakt Aagje haar ouders kwijt. Ze wordt opgevoed in het weeshuis van de Collegianten in Amsterdam en gaat werken voor de familie Bosch. Ze raakt bevriend met het ziekelijke dochtertje, Maria Bosch. Met haar schrijft ze in 1775 de dichtbundel Stichtelijke gedichten.

Het begin van de briefwisseling tussen Betje en Aagje dateert van 1776. Aagje en Betje worden hartsvriendinnen. Als ds. Wolff in 1777 overlijdt, verbreekt Betje haar lidmaatschap van de Nederlands Hervormde Kerk en trekt Aagje bij haar in. In 1778 verhuizen ze naar De Rijp.

Samen publiceren ze Brieven over verscheidene onderwerpen (2 delen, 1780-1781) en Economische liedjes (3 delen, 1780-1790). In 1782, als Betje en Aagje zich vestigen op 'Lommerlust' in Beverwijk, verschijnt het werk dat beiden blijvende roem bezorgt: Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart (niet vertaald)

Brieven van Abraham Blankaart (1787-1789, 3 delen), Wandelingen door Bourgogne (1789), Mejuffrouw Cornelia Wildschut, of De gevolgen van de opvoeding (1793-1789, 6 delen), Geschrift eener bejaarde vrouw (1802, onvoltooid).

Meer informatie nodig?
Google

1 verslag bij deze auteur
Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart